Cypriaan De Rore (Ronse 1515/16 - 1565)

  • Cypriaan De Rore: Leven en werk
  • Afbeeldingen van De Rore: --> klik hier
  • Schilderij met werk van De Rore (door de Meester van het Acquavella Stilleven): --> klik hier
  • Joris Hoefnagel: een symbolische (of emblematische) voorstelling van de muziek: --> klik hier

Cypriaan De Rore: Leven en werk

“De Rore was een spilfiguur, maar ook een groot melancholicus. Ik denk dat hij er zelfs aan gestorven is. Polyfonisten als De Rore maakten in hun leven twee belangrijke momenten mee. Als koorknaap in hun geboortestad werden ze weggetrokken bij hun ouders. Op hun achttiende gingen ze aan één of andere hofkapel in Europa zingen. Dat kan je voelen bij De Rore : er zit heimwee in zijn muziek." (Paul Van Nevel)

Na vele eeuwen staat De Rore's geboorteplaats eindelijk vast. De Rore werd in 1515/1516 geboren in Ronse en niet in Mechelen, zoals voorheen gedacht werd. Deze vaststelling is voornamelijk te danken aan het speurwerk van Albert Cambier (conservator van de stad Ronse) die samen met Jessie Owens genealogisch onderzoek omtrent onze Cypriaan De Rore verrichtte. Een belangrijk punt hierin is natuurlijk de naam De Rore. Dit blijkt een oervlaamse naam te zijn en geen veritalianiseerde versie, zoals bij componisten wel vaker het geval is, denken we maar aan Philippus De Monte oftwel Philippe Vanden Berghe. De Rore of De Rodere betekent zoveel als 'iemand die met een zeis braak terrein schoonmaakt'. Daarvan getuigt ook het wapenschild, namelijk twee gekruisde zeisen, waarvan nog sporen terug te vinden zijn in de Crypte van de Sint-Hermeskerk.

Als componist signeerde hij zijn werk met Cipriano De Rore en dit als het om Italiaanse geschriften/prints ging. In het Nederlands werd dat snel Cypriaan De Rore.

Maar hoe kwam il divino Cipriano, een lofprijzing die reeds tijdens zijn leven werd toegekend, aan zijn muzikale training?

Cambier en anderen zijn van mening dat hij al jong in de kring rond Margaretha van Parma, vertoefde. Margaretha van Parma, ons allen bekend als de Nukerkse onwettige dochter van Keizer Karel, reisde vaak naar Italië, mogelijk met Cypriaan in haar entourage.

Deze doordachte stellingen zullen steeds voor discussie vatbaar zijn, aangezien er pas sinds het jaar 1542 duidelijke bewijzen, namelijk een brief, zijn van De Rore's verblijf in Italië, meer bepaald in Brescia, een stad in 't noorden van Italië en in de invloedssfeer van Venetië. Er is eveneens speculatie over het gegeven of hij in Venetië bij Adriaan Willaert, kapelmeester aan de San Marcobasiliek, in de leer is geweest. Algemeen wordt verondersteld dat hij in Venetië Willaert ontmoette en mogelijks ook frequenteerde.

Zijn eerste gedocumenteerde aanstelling is die als kapelmeester aan het hof van Ercole II d'Este te Ferrara (1546-1559), één van de belangrijkste centra van de Italiaanse Renaissancekunst. Maar hij was reeds vóór 1546 erg beroemd omwille van zijn 2 eerste madrigaalboeken, gepubliceerd in 1542 en 1544. Met deze werken vernieuwde hij de manier van componeren door de muziek, meer dan de componisten vóór hem, de gevoelens die in de tekst lagen uit te drukken.

De periode in Ferrara was voor Cypriaan de productiefste met een honderdtal composities, een groot deel van zijn totale oeuvre. Daaronder bevonden zich een aantal composities ter ere van het hof te Ferrara, bijvoorbeeld de Missa Praeter rerum seriem. In deze zevenstemmige mis brengt hij enerzijds hulde aan zijn voorganger Josquin Desprez, aangezien deze mis gebaseerd is op het gelijknamig motet van laatstgenoemde. Anderzijds voegt hij aan dit zesstemmig model een zevende stem toe en dit ter ere van Ercole II d'Este met de vermelding : "Hercules secundus dux Ferrariae quartus vivit et vivet".

Cypriaan De Rore was voornamelijk een componist van madrigalen, dit zijn meerstemmige vocale composities op een Italiaanse poëtische tekst, bijvoorbeeld van Petrarca. In zijn eerste madrigalenboek kiest hij nog voor sonnetten met een donkere thematiek.

In de latere madrigaalbundels tekent zich een evolutie af in De Rore's muzikale stijl. Hij evolueert van een compacte polyfonie, volgens Venetiaans model, naar een transparantere textuur, waarbij homofonie en declamatie de tekstverstaanbaarheid bevorderen. De toenemende aandacht voor de tekst komt muzikaal tot uitdrukking, want in de tekst vertolkte affecten worden muzikaal verklankt. De Rore’s toenemende aandacht voor de tekst en muzikale dramatiek vormt de basis voor de evolutie naar de seconda prattica waaruit later de barokmuziek zou ontstaan. Via De Rore's leerling Giaches De Wert kan immers een rechtstreekse lijn getrokken worden naar de muziek van Claudio Monteverdi. In 1558 zal Cypriaan naar Munchen, Beieren en Vlaanderen reizen. En na de dood van zijn broodheer in 1559 keerde hij terug naar Ronse, zijn geboortestad, die hij afgebrand aantrof. Zijn rijke schoonzus bedacht de stad Ronse met een financiële bijdrage voor de heropbouw van de kerk.

De Rore behield in deze periode (namelijk van 1559 tot aan zijn dood) nauwe contacten met het Brusselse hof van Margaretha van Parma. Door haar toedoen zal De Rore in 1561 opnieuw een positie in Italië, aan het hof van haar man Ottavio Farnese in Parma, verwerven. Niet lang daarna volgde hij Adriaan Willaert op als kapelmeester aan de San Marcobasiliek. Maar nauwelijks een jaar later was al weer terug in Parma. Was het omdat Farnese hem absoluut terug wilde of voelde De Rore zich niet op zijn plaats in Venetië? In de literatuur leest men vooral de tweede reden. Hij werd alleszins zeer goed terug in Parma ontvangen en kreeg daar op zijn aandringen een eigen huis.

Terug in Parma bleef de polyfonist internationale contacten behouden. Uit documenten blijkt dat hij in de running was om kapelmeester te worden aan het hof van Ferdinand II. Cypriaan stierf echter in de maand september van het jaar 1565, nog voor hij vijftig werd. Het wapenschild van zijn familie siert een gedenksteen in de kathedraal van Parma.

De betekenis van Cypriaan De Rore valt niet te onderschatten. Enerzijds wordt hij in het legendarische Artusi-Monteverdi debat enkele tientallen jaren later door beide kampen geëerd. Dit debat behandelt de zeventiende eeuwse muzikale avant-garde, verdeeld in twee kampen. Terwijl de conservatieve Giovanni Maria Artusi onze Cypriaan bestempelde als een prachtig voorbeeld van de traditionele polyfone stijl (prima prattica), loofde Guilio Cesare Monteverdi (broer van Claudio) hem als de grondlegger van de seconda prattica, waarin de affectieve inhoud van de tekst haar weerklank vindt in de muzikale dramatiek. Als vernieuwer heeft De Rore rechtstreeks invloed op de muzikale stijl van latere componisten zoals Claudio Monteverdi. Uit bovenstaand vermeld debat blijkt eveneens de veelzijdigheid van Cypriaan De Rore's oeuvre.

 

Kort overzicht van het leven van Cypriaan De Rore

  • 1515/1516: geboren in Ronse
  • ca. 1540(?)-1545: vermoedelijk verblijf in Venetië in de kring van Willaert 1545/1546-1559: kapelmeester aan het hof van Ercole II d'Este, hertog van Ferrara 1558 en 1559: bezoek aan zijn ouders in Vlaanderen
  • 1560-1563: in dienst van Margaretha van Parma in Brussel en haar echtgenoot Ottaviano Farnese in Parma
  • 1563-1564: opvolger van Willaert als kapelmeester aan de San Marco in Venetië
  • 1564-1565: opnieuw in dienst van Farnese in Parma september 1565: overlijden in Parma

 

Jan Leconte

Meer weten over de muziek van De Rore (cd's, boeken, artikels) ? Consulteer de website www.cypriaanderore.be

 


 

Afbeeldingen van De Rore

 

1. Codex Mus ms B (Munchen)

 ___________________

2. Afbeelding in Openbare Bibliotheek van New York

__________________

 

3. Kunsthistorisches Museum, Wenen

Kunsthistorisches Museum, Wenen, ongekende meester,
voorheen
in de schilderijencollectie
van het Schloss Ambrass (
"Ambraser-Sammlung")
bij Innsbruck.

___________________

 

4. Umbraser-Sammlung in Wenen

Naar een originele schilderij (nl. afbeelding 3)
in de "Ambraser-Sammlung"

bij Innsbruck

___________________

 

5. Afbeelding geïnspireerd op het vorige portret (nr.4)

(bron: website www.superstock.com)

___________________

 

6. Lithografie door Heinrich E von de Winter

___________________

 

 7. In het boek van Raymond Van Aerde

Aerde, Raymond (Van) : "Notice Sur La Vie & Les Oeuvres De Cyprien De Rore,
Illustre Musicien Malinois du XVIème Siècle",

Godenne, L. & A., Grote Markt 28, Mechelen, 1909

___________________

 

8. Beeld van De Rore in Mechelen

Beeld CDR in Mechelen door Louis-Guillaume Grootaerts,
die dit beeld ontwierp voor een galerij in Mechelen in 1869.
Het beeld is in Franse steen en heeft een hoogte van 2m10

___________________

 

9. Beeldje van De Rore in Mechelen

Beschilderd gips, hoogte 0,47cm.
Schenking van de kunstenaar Louis-Guillaume Grootaerts
aan de stad Mechelen in 1863

___________________

 

10. Herinneringsbeeld door Roger Schrije

Beeld door Roger Schrije gemaakt in opdracht van A.Cambier.
Door het plotse overlijden van A.Cambier heeft de Stad Ronse dit beeld aangekocht
Het beeld van Cypriaan de Rore is vervaardigd uit een monoblok sedimentaire Franse steen,
weegt 700 kg en werd in samenwerking met de technische dienst van de Stad Ronse,
op de site naast de St-Hermescollegiaal in Ronse geplaatst en ingehuldigd op 16.04.2013.

___________________

11. Voorpagina van de partituur'Cipriani de Rore Sacrae Cantiones quae dicuntur motecta,
cum quinque, sex et septem vocibus, quae partim nunquam antea impressae,
& partim iam in alijs libris ditae, nunc nuperrime ad unum redactae.'
(Angelo Gardano, Venetië 1595)

(webpagina: http://orka.bibliothek.uni-kassel.de/viewer/image/1407319612289/5/ )
bron: http://orka.bibliothek.uni-kassel.de

___________________

12. "ritratto di Cipriano de Rore"

(72 x 53; ongekende schilder, 1875-1899)
bron: http://www.europeana.eu/portal/record/08504/4DB45FC4D49AAAC95016A9E13E57...

 

 


 

Schilderij met werk van De Rore (door Meester van het Acquavella stilleven)

 Schilderij van de "Meester van het Acquavella Stilleven"

Dit anonieme Italiaanse werk uit ca. 1620 wordt toegeschreven aan de zogenaamde Meester van het Acquavella stilleven, hoewel de figuur waarschijnlijk van een andere hand is. De muzikant heeft een madrigalenbundel van Cypriaan De Rore voor zich liggen, wat nogal merkwaardig is voor een schilderij uit de 17de eeuw. Het schilderij bewijst eens te meer hoe beroemd De Rore ook lang na zijn dood nog was !

Dit schilderij, dat zich in een privé-collectie bevindt, werd getoond in de Royal Academy of Arts in Londen tijdens de tentoonstelling "The Genius of Rome". Naar aanleiding van deze tentoonstelling werd ook een dubbel-CD uitgebracht, met dezelfde naam, met muziek uitgevoerd door het ensemble Il Giardino Armonico (Erato - 8573 86556 2). Op deze cd wordt oa Anchor che col partire uitgevoerd, het bekendste werk van De Rore. De partituur, die op het schilderij vóór de jongeman ligt, toont de muziek van deze compositie. (medegedeeld door Serge De Man)

Op de afbeelding hieronder ziet u het fragment van het schilderij met de pagina met de muziek van Anchor che col partire en daaronder geschoven de voorpagina van de partituur waarin dit muziekstuk staat. We vermoeden sterk dat we op het schilderij één van de meer dan tien uitgaven zien van het eerste madrigaalboek voor vier stemmen van De Rore, dat inderdaad ook Anchor che col partire bevat. De eerste uitgave van dit succesvol madrigaalboek dateert van 1550 (op de afbeelding ziet u de uitgave van 1569: Il primo libro de madrigali a quatro voci., Gardano, Antonio (Venetië), 1569).


Joris Hoefnagel: symbolische (of emblematische) voorstelling van de muziek (1578)

Joris Hoefnagel: een symbolische (of emblematische) voorstelling van de muziek (1578)

In het prentenkabinet van Berlijn bevindt zich een tekening van Joris Hoefnagel uit 1578, waarop een symbolische (of emblematische) voorstelling van de muziek voorkomt: een lier met daarrond een banderol, waarop de namen  'Orlando Lassus' en 'Cipriano Rore' geschreven staan. Dat naast Lassus, de toenmalige Kapellmeister in München, ook de naam van De Rore voorkomt, is toch wel opmerkelijk: De Rore was reeds lang overleden en hij had nooit een officiële functie aan het Beierse hof bekleed. Het was toen al ongeveer twintig jaar geleden dat Hans Mielich de beroemde codex vervaardigde ! Lliteratuur: 
-WILBERG VIGNAU-SCHUURMAN TH.A.G., Die emblematischen Elemente im Werke  Joris Hoefnagels, Band I, p. 128, 1969
-SCHILLING E., 'Zwei Landschaftszeichnungen des Georg Hoefnagel', in Kunstgeschichtliche Studien für Hans Kauffmann, 1956 (met afbeelding)

(medegedeeld door Serge De Man)